Ik ben in april begonnen met 23Dingen en vanaf het begin had dit een positieve uitwerking op mij. Ik vond het erg luxe dat er het nodige voorwerk is verricht waarbij deze 23 dingen netjes op een rijtje waren gezet om ze door collega’s uit het bibliotheekveld eens systematisch de revue te laten passeren. Het is mooi dat we internet met alle mogelijke informatie tot onze beschikking hebben. Echter door deze overvloed van informatie zie je vaak door de bomen het bos niet meer en kost het menigeen de nodige tijd om uit te vinden wat er allemaal is en wat er allemaal kan… in gedachten zie ik de eerste afhakers al voor me…
De opzet van 23 Dingen vond ik goed te overzien en de combinatie met praktijkoefeningen zoals op de verschillende sites je eigen weblog, email- en gebruikersaccount aanmaken erg nuttig. De ervaring van anderen dat je toe kunt met gemiddeld één uur per Ding deel ik echter niet. Ik was er per ding beduidend langer mee bezig. Zeker als er in de praktijkoefeningen opdrachten niet direct lukten tikt de tijd heel snel weg. In september 2008 gaan in onze bibliotheek in principe alle medewerkers starten met 23 Dingen en op weg naar het felbegeerde certificaat. Persoonlijk denk ik dat we de mensen meer tijd per ding moeten geven om het enthousiasme bij hen warm te houden. Het zou erg zonde zijn als mensen vanwege opgelegde werkdruk hun motivatie verliezen. En gemotiveerde medewerkers hebben we heel hard nodig om gezamenlijk invulling te geven aan de bibliotheek van de toekomst.
23 Dingen geeft een mooi inzicht hoe de informatievoorziening zich op internet heeft ontwikkeld; mensen met gedeelde interessegebieden vormen samen sociale netwerken waar ze informatie op plaatsen die vervolgens met elkaar wordt gedeeld. Muziekliefhebbers op last.fm geven hun favoriete artiesten op en worden met één druk op de knop voorzien van gebundelde informatie in woord-beeld-en-geluid zoals Biografieën, Albums, Tracks, Videofilmpjes, vergelijkbare artiesten etc. De persoonlijke mening van de verschillende leden over de muziek levert ook interessante aanvullende informatie op. Kortom een heel dynamisch en interactief gebeuren. Maar het mooiste komt nog… Wat kost het om lid te worden van deze netwerken en vervolgens deze informatie ter beschikking te krijgen… ? … juist!
Wereldwijd zijn jong en oud dus lid van deze netwerken waar van alles gebeurd en er een gigantische informatie-uitwisseling plaatsvindt. Daar hoor je als bibliothecaris, informatiespecialist van het 1e uur, dus bij te zijn om een plek op te eisen waar je van toegevoegde waarde kan zijn door de mensen op een snelle manier de weg te wijzen naar kwalitatief goede informatie. Tijdens een lezing over Web 2.0 die ik begin dit jaar in Deventer bijwoonde werd verschillende keren de vraag gesteld waarom fenomen zoals Youtube, LibraryThing en dergelijke destijds niet door onze bibliotheken zijn ontwikkeld. Het bleef muisstil in de zaal die vol zat met vertegenwoordigers uit onze branche. Ook tijdens de introductie van 23Dingen vertelde Rob Coers dat de bibliotheken zelden voorop lopen als het gaat om doorvoeren van vernieuwing. Ik hoop dat het 23 Dingen traject ons verder helpt in het ontwikkelen van nieuwe bibliotheekconcepten welke nauw aansluiten bij de informatiewens van zowel de traditionele bibliotheekgebruikers als al die andere potentiële gebruikers in cyberspace.
… krijg ik mijn certificaat thuisgestuurd…;-) ???
Rob en Marina, bedankt voor jullie begeleiding!